startpagina

QuaWonen is zelf open over financiële speelruimte

22-06-2016

Minister Blok informeert gemeenten en huurdersorganisaties over de indicatieve bestedingsruimte van corporaties. Die bedragen zijn niet reëel en zullen leiden tot verwarring, meent directeur-bestuurder Rob van den Broeke van QuaWonen.

“Wij voeren al sinds vorig jaar aan de hand van de echte cijfers het gesprek met gemeenten en huurdersorganisaties. Samen met hen stelt QuaWonen prioriteiten in de besteding van het geld.”
 
Directeur-bestuurder Rob van den Broeke is vóór meer openheid tussen corporaties, gemeenten en huurdersorganisaties. “Dat helpt om goede afspraken te maken over wat lokaal nodig is. Daarom kun je als corporatie het beste open zijn over je financiële speelruimte.”
 
De bedragen die minister Blok in zijn brief noemt, zijn niet reëel en zorgen eerder voor verwarring, meent hij. “Die bedragen zijn gebaseerd op maximaal lenen bij de bank. Het is geen geld in de portemonnee, dat we zomaar kunnen uitgeven. Dat is veel te simpel, dan zou QuaWonen ineens haar reserves uitgeven. Wij hebben de opdracht om ook in de toekomst te zorgen voor voldoende betaalbare woningen.”
 
“QuaWonen houdt haar huren bewust laag en is volop bezig met energiemaatregelen. Ook bouwen we nog steeds nieuwe woningen. En we renoveren woningen, zodat ze voldoen aan de eisen van nu. Hiervoor is veel geld nodig. Geld dat we moeten lenen, en op langere termijn weer aflossen”, legt Van den Broeke uit.
 
Om onder gunstige voorwaarden te lenen, moeten corporaties voldoen aan de normen van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. “We kijken altijd heel goed naar het effect van onze investeringen op deze normen. Voor QuaWonen is vooral de verhouding tussen schulden en bezittingen doorslaggevend. We investeren veel in de Krimpenerwaard en hebben dus ook veel geleend. Dat betekent dat we kritisch kijken naar nieuwe investeringen.”
 
Door efficiënter te gaan werken, is er nu gelukkig weer financiële speelruimte ontstaan. Dit is volledig transparant gedeeld met gemeenten en huurdersorganisaties. “Tijdens diverse bijeenkomsten hebben we hen gevraagd waar het geld naartoe zou moeten. Belangrijke thema’s zijn: energiezuiniger maken van woningen, langer zelfstandig wonen van ouderen en nieuwbouw voor 1- en 2 persoonshuishoudens. Deze thema’s komen terug in ons bod aan de gemeenten.”